
Veel apparatuur, ook van gerenommeerde fabrikanten, is uitgerust
met onderdelen van middelmatige kwaliteit. Dat is lang niet altijd om
de prijs laag (of de winst hoog) te kunnen houden. Veel fabrikanten
hebben gewoon weinig ervaring met wat componenten van verschillende
merken of kwaliteiten gehoormatig in hun schakelingen doen.
Bijna
altijd is er dan ook veel te winnen door het upgraden van onderdelen,
en te zorgen dat het juiste type/merk/soort op de juiste plaats
terecht komt.
Neem bijvoorbeeld de klok in een CD-speler of -loopwerk. In mijn
ervaring is dat ongeveer de allerbelangrijkste component. Alles wat
er met het audiosignaal in die apparaten gebeurt, is gekoppeld aan de
klok. Want de klok stuurt alle digitale processing, en speelt in de
uiteindelijke DA-conversie een doorslaggevende rol. Vanwege jitter,
inderdaad.
Maar zelfs in heel dure spelers zit meestal een
doorsnee kristal, soms opgenomen in een wat sjiekere schakeling dan
bij anderen, maar nooit met de voeding die zo'n klokcircuit verdient.
Ik ben tenminste nooit anders tegengekomen, en ik heb inmiddels toch
enkele honderden CD-spelers open gehad. In de allerduurste zat dan
nog wel een oven-controlled (temperatuurgestabiliseerde) klokmodule;
dat lijkt indrukwekkend en dat is het ook voor de absolute
frequentiestabiliteit, maar over het jittergedrag zegt het weinig en
uiteindelijk bleek dat ook hier verre van optimaal.
Bij het
modificeren van een CD-speler is het vervangen van de klok dan ook
altijd het eerste dat ik aanraad. Ik gebruik al jaren de klokmodule
van Guido Tent (Tentlabs) omdat die zeer jitter-arm is EN goed
klinkt. Ik heb daar in 2001 een zeer speciale voeding voor ontworpen,
van het type shuntregelaar.
Deze voeding is steeds verder geoptimaliseerd en inmiddels 30-40 dB
beter in storingsonderdrukking dan de gangbare 3-poot serieregelaars
(7805 of LM317), en idem zoveel ruisarmer. En dat hoor je. In de rust
die de speler krijgt, en in de toename van het oplossend vermogen, in
de grotere autoriteit, in het betere ritmegedrag. De kosten van deze
ingreep bedragen € 230 voor shunt plus klok, plus € 50
voor het inbouwen. Moet er ook een nieuwe digitale uitgang worden
aangebracht, dan is een iets uigebreidere versie van het printje
nodig en komt er € 30 bij.
Volgende stappen van
modificatie zijn: betere diodes en elco's in de hoofdvoeding van de
speler, verbeteren van componenten in het digitale en in het analoge
deel van de speler. Wat dat kost, is moeilijk te zeggen zonder te
weten om welke speler het gaat, maar reken als richtlijn op iets in
de orde van € 150-200 voor elk van deze stappen. Natuurlijk
kan een en ander gefaseerd, en je hoeft ook niet in elke speler tot
op de bodem te gaan.
AudioMagic is gespecialiseerd in buizenapparatuur. Dat wil niet
zeggen dat hier nooit een transistorversterker op de werkbank komt,
maar vaker dan niet zal ik u doorverwijzen naar een van mijn
collega's.
Het zou getuigen van valse bescheidenheid als ik
niet zou zeggen dat mijn kennis van buizenschakelingen groot is. Ik
beschik daarnaast over een uitgebreide voorraad buizen (nieuw en NOS)
en bijbehorende componenten als papier-in-olie condensatoren en
composiet koolweerstanden.
Als regel komt een upgrade neer
op: betere buizen, vervangen van koppelcondensatoren, betere elco's,
en waar mogelijk en gewenst ook betere voedingselco's.
Als
daar reden toe is, beperk ik mij niet tot het verbeteren van wat er
is, maar pas ik ook de schakeling aan. Alles in overleg uiteraard....
Er is veel ervaring met merken als AudioInnovations,
AudioNote, Audion, Arion, Copland, Leak, Jadis, Lafayette, Sansui,
Tube Technology, maar deze lijst is verre van uitputtend en kan
gemakkelijk 4x zo lang worden gemaakt.
Waar ik in mijn
modificaties voor ga, is allereerst muzikaliteit, dan ruimte, lucht,
schoon hoog, autoriteit.
Voor het verbeteren van DA-converters geldt iets vergelijkbaars
als bij CD-spelers. Vervangen van elco's in de voeding en in de
schakeling plus het vervangen van ontkoppel-C's levert een grote
verbetering. Als de schakeling er zich voor leent, kan ook nog een
XO-DAC van Tentlabs (www.tentlabs.com)
worden ingebouwd. Dat is een wat duurdere optie, maar die schakeling
is heel goed in het onderdrukken van jitter en dat hoor je.
Voor
de oudere AudioNote DAC's is er de mogelijkheid om het digitale
filter over te slaan. Je luistert dan direct naar de 16 bits zoals
die op de CD staan! De digitale print wordt daarop aangepast en in
plaats van de DF1700 komt een NDF (niet-digitaal-filter) insteekunit.
Kosten daarvan rond de € 200, hangt een beetje af van wat er
verder nog in het apparaat moet gebeuren.
Uiteraard kunnen in
AN-DAC's ook allerlei componenten vervangen worden door betere (en
dat is zeker zinvol), maar het kan ook anders. Ik ben namelijk in de
loop van de jaren met het modificeren van die DAC's zo ver van de
originele opzet verwijderd geraakt, dat ik uiteindelijk maar mijn
eigen digitale en analoge printen ben gaan maken (en dan meteen met
een goede aarde-layout, want daar heeft AN geen kaas van gegeten). Ik
gebruik die printen als ik een bijzondere DAC moet maken voor een
klant, in een koperen kast en zo, maar de printen en de nieuwe
voeding passen met wat passen en meten ook in de oude AN-kast. Een
aantal chips afkomstig van de originele printen, de oude
voedingstrafo en de interfacetrafo's worden dan hergebruikt. Deze
ingreep is niet goedkoop, reken op zo'n € 2500 (of in 2
stappen, dan telkens ca. de helft), maar levert een DAC op die zijn
weerga niet kent. Zie voor details: AM
DAC. Een demo valt hier te beluisteren.
Nog even terugkomend op Guido's XO-DAC, ik heb daar een keer
iets heel speciaals mee gedaan. De set in kwestie was een Wadia 270
SE met een reeds gemodificeerde AN-DAC nieuwe stijl. In het digitale
gedeelte van de DAC werd niet alleen een XO-DAC aangebracht, maar
tevens werd het voorzien van een keuzemogelijkheid waardoor via een
extra optische ST-uitgang de 270 aan de als klok geschakelde VCXO in
de DAC kon slaven. Zowel loopwerk als DAC gingen er op vooruit (we
hebben dat apart uitgetest), en samen was het helemaal feest.
Van 1996 tot 1998 zijn op verschillende beurzen van de AES (internationale beroepsvereniging van audioprofessionals) demo's te horen geweest van het toen nieuwe digitale audioformaat DSD, dat de basis is geweest voor SACD. Er waren toen nog geen SACD-spelers, de demo's gebeurden met laboratoriumapparatuur van Sony/Philips. De indrukken daar opgedaan waren verpletterend. Ik schreef toen voor Amerikaanse Stereophile en trok na een enthousiaste beschrijving de volgende conclusie: "I've heard the future of digital audio!". Toen eindelijk de spelers kwamen (met als eerste de Sony SCD-1 en de SCD-777ES) en ik die hoorde, dacht ik: is dat nou alles? Zeker, er was verschil met CD te horen, maar zo dramatisch als bij de AES-demo's was het bepaald niet. Tot ik begin 2002 in Frankfurt een kamer binnen stapte waar een SCD-777 stond te spelen die WEL heel dicht bij het oorspronkelijke demo-geluid kwam. Navraag bracht aan het licht dat deze was gemodificeerd en voorzien van een module van ene Allen Wright (www.vacuumstate.com). Deze module vervangt niet alleen alle analoge elektronica van een SACD-speler maar ook de DSD-DA-converter. De module is toepasbaar in vele Sony SACD-spelers, en ik zal die inmiddels in een kleine 20 spelers hebben ingebouwd, van SDC-1, -777 via de SCD-555ES tot de DVP-S9000ES en de DVP-NS900P. In het pakket van de module zit ook een betere klok, ook Allen heeft trouwens voor de klokjes van Guido Tent gekozen. De module kost standaard € 775 inclusief het inbouwen, maar ik adviseer BlackGates in de voeding van de module en zilveren in- en uitgangsbedrading, wat de prijs op € 820 brengt. Ook bij dit soort spelers is nog verdere winst te halen door het modificeren van de voeding en het vervangen van condensatoren in het digitale gedeelte (reken telkens op ca. € 150-200). De stap met de module van Allen is het grootste, maar als je alles doet, kom je op 99% van wat ik in de Sony/Philips demo's gehoord heb.
Philips heeft eind jaren '50 begin jaren '60 een aantal bouwsetjes
met buizen op de markt gebracht. Die zijn inmiddels zo geliefd dat de
prijzen aardig gestegen zijn. Denk aan de HF309, waar ik zoals bekend
een interessante modificatie voor heb. De bijpassende tuner was de
FM13. Een FM13 heeft een bijzonder warme klank, echt een warm bad
waar je in stapt. Achteraf gezien is de stereodecoder van dit toestel
echter net wat te krap opgezet, met als gevolg dat de meeste FM13's
moeite hebben met in stereo komen, en als het lukt, dan ruist en
vervormt het nogal. Om dat te verhelpen heb ik een hulpprintje
ontworpen dat vóór de decoder wordt geplaatst. Als
verder alles aan boord van de FM13 in orde is, zal hij na uitbreiding
met dit printje altijd in stereo gaan, de ruis zal duidelijk minder
zijn en ook de vervorming bij luide passages zakt aanzienlijk. Besef
echter wel dat het nooit zo ruisarm en vervormingvrij zal worden als
een moderne halfgeleidertuner.
Het printje kost € 49,-
ex verzendkosten en gaat vergezeld van een inbouwhandleiding. Hier
laten inbouwen kan natuurlijk ook, wat het voordeel heeft dat de
decoder dan meteen correct afgeregeld kan worden.